De rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Gent heeft distributienetbeheerder Fluvius gemachtigd om een digitale elektrische meter te plaatsen in een private woning. De bewoner had de plaatsing van digitale meters altijd geweigerd. Voorlopig behoudt hij wel het recht om de plaatsing van een digitale gasmeter te weigeren, aangezien voor deze meter nog geen bekabeld alternatief bestaat.
Aanleiding
Fluvius is distributienetbeheerder voor het elektriciteitsnet en het gasnet. Sinds enkele jaren is Fluvius in heel Vlaanderen bezig met het vervangen van oude analoge elektriciteitsmeters en gasmeters door digitale meters.
Zo nam de distributienetbeheerder contact op met de verwerende partij om de oude analoge meters in zijn woning te Bassevelde te vervangen door digitale meters (ofwel een klassieke digitale meter ofwel een digitale meter met bekabeling). De verwerende partij weigerde dit echter, omdat hij stralingssensitief zou zijn.
Op 7 augustus 2025 werd de verwerende partij gedagvaard. Hierbij eiste Fluvius toegang tot de woonst om de digitale meters te kunnen plaatsen. De verwerende partij voerde hierop verschillende verdedigingsmiddelen aan om zijn weigering te ondersteunen.
Eerste middel: recht op een gezond leefmilieu en op eerbiediging van het privéleven
Volgens de verwerende partij zouden de digitale meters zijn grondwettelijk recht op een gezond leefmilieu in aanzienlijke mate aantasten. Concreet verwees de verwerende partij hier naar frequente hoge pieken van elektromagnetische straling die de digitale meters zouden uitzenden (zowel de klassieke digitale meter als het bekabeld alternatief).
De verwerende partij verwees hierbij naar een arrest van het Grondwettelijk Hof van 14 januari 2021. Hierin zou het Grondwettelijk Hof elektrosensitiviteit - waaraan verwerende partij stelt te lijden - hebben erkend. Daarbij oordeelde het Hof dat netbeheerders altijd een optie voor communicatie via bekabeling moeten voorzien in plaats van draadloze communicatie.
Beoordeling rechtbank ‘klassieke digitale meter’
Volgens de rechtbank bewijst de verwerende partij niet dat de ‘klassieke digitale meter’ elektromagnetische straling zou uitzenden die van die aard is dat ze het recht op een gezond leefmilieu aanzienlijk aantast.
De verwerende partij toont ook niet concreet aan dat de ‘klassieke digitale meter’ een aanzienlijke impact zou (kunnen) hebben op zijn gezondheid, noch dat hij stralingsgevoelig is. Hij brengt geen enkel stuk bij waaruit dergelijke diagnose blijkt, en beperkt zich louter tot eigen verklaringen.
De rechtbank stelt ook vast dat de verwerende partij niet betwist dat de ‘klassieke digitale meter’ voorzien is van een CE-markering en, bij uitbreiding, alle nodige markeringen en certificeringen op vlak van veiligheid en gezondheid om op de Vlaamse en Europese markt te worden uitgebracht. Hetzelfde geldt voor de Vlaamse en Europese veiligheids- en gezondheidsvereisten.
Beoordeling rechtbank ‘bekabeld alternatief’
Bij het ‘bekabeld alternatief’ trekt men een kabel vanaf de digitale meter naar een externe antenne, die wordt geïnstalleerd op de gevel of op/over de rooilijn. Deze antenne communiceert vervolgens draadloos via elektromagnetische straling (zij het dan buiten het huis in plaats van binnenin).
In dit concrete geval bevindt de woning van de verwerende partij zich op ongeveer 20 meter van de straat/rooilijn. In de veronderstelling dat de externe antenne op of over de rooilijn wordt geplaatst, betekent dit dat de stralingsbron van de elektromagnetische straling zich op ongeveer 20 meter van de woning van verwerende partij bevindt. De straling zou dan verwaarloosbare proporties aannemen als zij de woning zou bereiken (uitgaande van een consequent intensiteitsverval in functie van de afstand).
De rechtbank besluit daarom dat het bekabelde alternatief in dit concrete geval tegemoet komt aan de bezorgdheden over potentiële gezondheidsrisico’s die het Grondwettelijk Hof had geuit in haar arrest van 14 januari 2021 (waarnaar de verwerende partij had verwezen).
Besluit
De rechtbank besluit dat de verwerende partij vanuit het perspectief van het recht op een gezond leefmilieu - en het daaruit afgeleide perspectief van het recht op eerbiediging van zijn privéleven – niet het recht heeft om de distributienetbeheerder de toegang tot zijn woning te weigeren om daar digitale meters te installeren.
De verwerende partij heeft het recht te kiezen tussen de klassieke digitale meter, met geactiveerde interne zendmodule, of het bekabeld alternatief. Maar hij kan zich niet tegen beide verzetten, door te verwijzen naar zijn grondwettelijk recht op een gezond leefmilieu en eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer.
Tweede middel: geen bevoegdheid plaatsing externe zendantenne
Volgens de verwerende partij beschikt de distributienetbeheerder niet over de vereiste bevoegdheid/rechtsgrond om een externe zendantenne (als onderdeel van het ‘bekabeld alternatief’) op de buitengevel van zijn woning of op het openbaar domein te plaatsen.
Besluit
Volgens het Energiedecreet en het Energiebesluit is de verwerende partij verplicht om, voor zover hij aangesloten wil zijn op het distributienet, een digitale elektriciteitsmeter te aanvaarden (hetzij een klassieke draadloze meter of het bekabelde alternatief).
Als de verwerende partij niet wenst dat er een antenne aan zijn woning of in zijn tuin wordt geplaatst, staat het hem vrij om voor de klassieke meter te kiezen.
Als de verwerende partij zou opteren voor het ‘bekabeld alternatief’ – dat in overeenstemming kan worden gebracht met zijn recht op een gezond leefmilieu en zijn recht op eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer - is daar inherent en impliciet aan verbonden dat hij toestemming geeft om de nodige apparatuur te plaatsen (met name de externe zendantenne en de kabel daarnaartoe).
Derde middel: ongerechtvaardigde inbreuk op recht op privacy
Volgens de verwerende partij vormen slimme elektriciteitsmeters met actieve communicatiemodule een ongerechtvaardigde inbreuk op zijn recht op privacy. De verzamelde en verwerkte gegevens zijn immers persoonsgegevens. Die gegevens zouden uiterst gevoelig zijn, zodat de digitale meter met actieve communicatiemodule de netgebruiker zonder mogelijke vorm van controle of protest blootstelt aan ernstige veiligheidsrisico’s. De beoordeling van het Grondwettelijk Hof (in het arrest van 14 januari 2021) zou geen betrekking hebben op dat aspect. Hierdoor zou de rechtbank wel degelijk kunnen oordelen dat een ongerechtvaardigde inbreuk op het recht op privacy van verwerende partij voorligt.
De rechtbank stelt vast dat het Grondwettelijk Hof wel degelijk heeft geoordeeld dat de wijze waarop de digitale meters gegevens verzamelen, verwerken en communiceren in overeenstemming is met het recht op eerbiediging van het privéleven (zoals vervat in – onder meer – artikel 22 Grondwet en artikel 8 EVRM). Voor het Hof bestaat er een billijk evenwicht tussen het recht op eerbiediging van het privéleven en de nagestreefde doelstellingen van een efficiënt en duurzaam energiebeheer. Bovendien beschikt Fluvius over een ISO 27001-certificering, die impliceert dat zij voldoet aan de geldende standaarden rond informatiebeveiliging en cyberveiligheid.
Besluit
Ook vanuit het perspectief van het recht op eerbiediging van het privéleven heeft de verwerende partij géén recht om de installatie van een digitale elektriciteitsmeter te weigeren.
Vierde middel: nog geen ‘bekabeld alternatief’ voor de gasmeter
Als vierde middel voert verwerende partij aan dat de netbeheerder momenteel nog geen ‘bekabeld alternatief’ voor de klassieke digitale gasmeter aanbiedt.
De rechtbank stelt inderdaad vast dat Fluvius uitdrukkelijk erkent dat ze nog niet over een bekabelde digitale gasmeter beschikt. Die wordt momenteel uitgewerkt. Eenmaal klaar, zal deze meter op dezelfde manier werken als de bekabelde digitale elektriciteitsmeter.
In het licht van de overwegingen van het Grondwettelijk Hof in zijn het arrest van 2021 moet worden aangenomen dat ook gebruikers van het gasdistributienet het recht hebben om te kunnen kiezen voor een bekabeld alternatief, net zoals dit reeds mogelijk is bij de elektriciteitsmeter. Omdat dit bekabeld alternatief nog niet voorhanden is voor gasmeters, heeft de verwerende partij het recht om de plaatsing van een klassieke digitale gasmeter te weigeren.
Oordeel rechtbank
De rechtbank heeft volgende beslissingen genomen:
- Fluvius krijgt een machtiging (desnoods met hulp van een deurwaarder) om zich toegang tot de woning van de verwerende partij te verschaffen, met als doel een digitale elektrische meter te plaatsen (een klassieke draadloze meter of een bekabelde meter, naar keuze van de verwerende partij).
- De verwerende partij moet aan Fluvius een bedrag van 293,17 euro en een bedrag van 316,55 euro betalen, en dit binnen de vijftien dagen na plaatsing van voormelde digitale elektriciteitsmeter.
- De uitvoerbaarheid bij voorraad wordt uitgesloten. Dit betekent dat Fluvius niet tot gedwongen uitvoering van het vonnis kan overgaan terwijl de beroepstermijn loopt.